Geitenkaas champignon flapjes

Gevuld bladerdeeg als groentenvoorgerecht, voor op de buffet tafel of als heerlijke borrelhap. Dit recept is mijn deelname aan de Foodboxchallenge van Have a good ‘food’ day en StudioKOOK.

De organisatoren Jenny en Demi geven je zes ingrediënten op waaruit je er vier moet kiezen. De hartige variant had mijn voorkeur, waardoor ik voor deze challenge iets moest maken van bladerdeeg, champignons, geitenkaas en peterselie.

Ik koos voor twee bijzondere geitenkazen: als zachte kaas de Franse Petit Tomme en als harde, oude geitenkaas de Hollandse Sikkepit. Beide smelten goed en geven deze flapjes extra smaak. Met de Petit Tomme maakte ik de ragout en de Sikkepit gebruik ik voor het bestrooien van de binnenkant van het bladerdeeg.

Beide kazen zijn van honderd  procent zuivere geitenmelk gemaakt.  Mooi wit doordat het geitje het caroteen in het gras niet doorgeeft in haar melk, met een rulle, droge structuur. Geitenkaas en witte wijn zijn een perfecte combinatie.

Ook van de peterselie heb ik twee soorten gebruikt, zodat ze elkaar in smaak aanvullen: bladpeterselie en krulpeterselie. De kastanjechampignon heeft meer smaak en bevat minder vocht dan de witte champignon. Daardoor heeft die een vollere, nootachtige smaak. Omdat ik me beperk in de ingrediënten is het belangrijk om smaakvolle producten te kiezen.

Wat heb je nodig voor het maken van 9 bladerdeeg flapjes:
350 gr. schoongemaakte kastanjechampignons, zonder voetjes, in vieren of zessen
1 bosje/70 gr schoongemaakte bosuitjes in dunne ringetjes
1 teen knoflook, gesnipperd
1 glas witte wijn, ik gebruik fruitige Sauvignon blanc
1 takje/4 volle blaadjes bladpeterselie, in fijne reepjes en stukjes
2 takjes krulpeterselie, fijngesneden met de dunne takjes
2 el fijngehakte blaadjes krulpeterselie
1 mespunt gemalen laurier
70 gr zachte geitenkaas Petit Tomme, in grotere blokjes
70 gr harde geitenkaas Sikkepit, fijngeraspt
2 volle tl clotted cream of romige crème fraiche
1 ei, dooier gescheiden en het eiwit losgeklopt

Zet de wijn op met de groene kruiden, bosuitjes en knoflook en breng dit aan de kook. Laat deze basis 15 minuten trekken. Zeef de bosuitjes en kruiden eruit en zet die apart. Breng het kookvocht opnieuw aan de kook en voeg de kastanjechampignons toe. Schep ze twee minuten goed en luchtig om op middelhoog vuur tot de champignons zijn gekookt. Zeef nu de champignons eruit, druk met de bolle kant van een lepel het vocht er nog iets uit en zet het kookvocht opnieuw op om in te laten koken op zacht vuur.

Inkoken van kookvocht doe je in een open pan op matige temperatuur. Je vermindert de hoeveelheid door een deel te laten verdampen. Deze bereidingstechniek versterkt dus de smaak door concentratie en geeft straks pit aan je gerecht. Dit duurt ongeveer 10-12 minuten. Als het goed is houdt je een half glas diepbruin kookvocht over met een sterke kastanjechampignon smaak.

Dit kookvocht doe je met de weggezette bosuitjes en kruiden in een blenderkom om er een iets lobbige saus van te maken. Deze saus meng je in een kommetje met de Petit Tomme geitenkaas en room. Eventuele fijne klontjes zijn niet erg, die lossen op in het bakproces in de oven dat nog volgt. Een van de voorwaarden in de foodboxchallenge is dat het gerecht minimaal één bereiding in de oven heeft gehad.

 

Schenk deze kaassaus in een lage ovenschaal, roer er een eidooier door, voeg de champignons toe en schep alles goed om. Dek de schaal af met aluminiumfolie en zet die in een voorverwarmde oven van 180°. Schakel de temperatuur terug naar 165°. Laat de champignons 15 minuten bakken, haal dan de folie eraf en zet de schaal nog 5 minuten terug.

Zet de geraspte Sikkepit en fijngehakte peterselie klaar in schaaltjes. Voor het maken van de bladerdeegflapjes gebruikte ik een vorm die je dicht kunt klappen. Daarvoor knip je eerst rondjes ter grootte van de vorm uit in bladerdeeg. Maar je kunt ook vierkant voorgesneden bladerdeeg gebruiken, die schuin in een punt dicht vouwen en de rand met een vorkje aandrukken.

Bestrooi de binnenkant van het bladerdeeg met wat Sikkepit, ook de randen. Strooi er wat van de krulpeterselie bovenop en schep een flinke lepel van de champignonragout op de onderste helft van het bladerdeeg. Klap de vorm dicht en verwijder voorzichtig het bakpapier. Ik had wat bladerdeeg over en heb met een appelboor rondjes deeg uitgestoken om de bovenkant van de flapjes mee te versieren.

Leg de flapjes op een rooster dat je hebt bekleed met bakpapier en bestrijk ze goed met het losgeklopte eiwit. Ik heb ietsje kruidnagelpoeder toegevoegd. Verwarm de oven opnieuw naar 180° en bak de flapjes in 15 minuten mooi goudbruin.

Eet smakelijk.

 

 

 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s